Kapot ei

Een ei op m’n kop in San Pedro (Belize)

Nooit, maar dan ook nooit, had ik verwacht met eieren bekogeld te worden op Madonna’s Isla Bonita. Ja, dat lees je goed: in San Pedro slaat iemand een ei kapot op mijn hoofd…

Isla Bonita

Het San Pedro waar Madonna over zingt, bestaat echt. Het ligt op Ambergris Caye in Belize. Mijn opwinding en nieuwsgierigheid groeien als ik de watertaxi naar het eiland pak. Ik hoor de samba al, de natuur is wild en vrij en ik voel het tropische eilandbriesje. This is where I long to be.

Het zeewier

Bij het verlaten van de watertaxi ruik ik een vage zeewiergeur. Daar heeft Madonna niks over gezegd. Toch is de kustlijn bezaaid met zeewier. De lokale bevolking probeert het strand schoon te houden voor toeristen die (net als ik) foto’s willen van witte stranden met blauw water en nog blauwere lucht. Maar van januari tot maart is het gevecht tegen het zeewier een verloren zaak. De wind brengt het naar de oostkant van het eiland. Er zijn simpelweg niet genoeg kruiwagens, harken of mensen om deze strijd met de natuur te winnen.

Zeewier op het strand op Ambergris Caye

De golfkar

Veel mensen ‘vluchten’ daarom naar de andere kant van het eiland. Naar een klein reepje zand genaamd Secret Beach. Er is een korte file van golfkarretjes op de weg ernaartoe. Die zijn het voornaamste vervoersmiddel op het eiland, voor toeristen en bewoners. Je kunt er heel eenvoudig eentje huren voor $50 per dag (24u). De straten zijn helaas niet gemaakt voor zoveel golfkarretjes. Op de hoofdstraat moeten voetgangers tijdens spitsuur oppassen waar ze lopen en al zigzaggend door de straat bewegen om de golfkarretjes te ontwijken. Het grote voordeel van dit verkeersinfarct, is dat veel mensen elkaar spontaan ritjes aanbieden. Ik ben onder de indruk van de vriendelijkheid.

Op een rustiger tijdstip in de hoofdstraat.

De weg

Een paar moedige mensen nemen de fiets naar Secret Beach. Het is een fietstocht van 1,5 uur. Met de golfkar duurt het zo’n 45 minuten. En het is een hobbelige weg. Zodra ik de hoofdstraat verlaat, betwijfel ik de voordelen van een golfkarretje. Het is een onverharde weg met veel gaten en hobbels die ik moet ontwijken. De omgeving is prachtig: overal is water en mangrove. Met iedere meter die ik afleg, raak ik meer en meer alleen op de wereld.

Met de golfkar naar Secret Beach.

Het geheime strand

Behalve op Secret Beach zelf. Het lijkt erop dat mensen hun mond niet konden houden en het geheim hebben doorverteld. Er is heerlijk zacht zand, makkelijke toegang tot het water, en er zijn strandstoelen en een paar restaurants. Het eten en drinken hier zijn wat duurder dan in San Pedro. Maar dat is logisch: het is nogal een onderneming om je inkopen hier te krijgen. Het personeel vertrekt iedere ochtend om 7 uur met een gedeelde bus naar het strand, pas na sluitingstijd keren ze terug. Uiteindelijk lukt het me toch een redelijk mensvrije foto te maken van het strandje.

De kokosnootonthoofder

Eén van de bars heeft een coole kokosnootonthoofder. Ik kan hier mijn eigen kokosnoot openen, gratis! Dat hoef je mij geen twee keer te zeggen. Ik plaats meteen een kokosnoot in de houder en onthoofd hem. Ik weet het, het is niet zo stoer als een kokosnoot openen met een machete, maar ik ben nog steeds best trots op mezelf. Het kokoswater smaakt heerlijk na het stoffige ritje.

Gratis kokosnoten op Secret Beach.

De lifters

Op de terugweg passeer ik een paar lifters. Ik twijfel even, maar bied ze toch een lift aan. Ik heb maar plek voor twee, omdat ik met een reisgenoot ben. Eén van de drie heren blijft achter en dat vind ik onwijs lullig. Hij kijkt ook zo teleurgesteld, maar zijn vrienden verzekeren me dat hij snel een lift zal krijgen. Dat is waarschijnlijk waar; mij is ook al meerdere keren een lift aangeboden. De twee zijn broers uit Mexico. Ze werken tijdelijk hier in de bouw. In Belize betaalt het beter, vertellen ze. De broers vertellen me dat in de avond de laatste dag van carnaval gevierd wordt en raden me aan echt even te gaan kijken. San Pedro is één van de weinige plekken in Belize, of misschien wel de enige, waar carnaval gevierd wordt.

Het carnaval

Een paar dagen eerder heb ik al een kijkje genomen bij de festiviteiten, maar ik was niet per se onder de indruk. Er waren wat toespraken en dansvoorstellingen van schoolkinderen, wat eetkraampjes, een dj, maar niemand op de dansvloer. Ik had bedacht dat carnaval hier zou bestaan uit prachtige parades, Missverkiezingen en veel muziek en dans. Natuurlijk zou het hier geen Rio zijn, maar misschien wel een mini-Rio? Of misschien zoals in Ecuador?

Het aanbod

De twee broers verzekeren me dat het de moeite waard zal zijn. Ze raden me aan oude kleren aan te trekken, omdat er ook een schuimmachine zal zijn en mensen die verf gooien. Ik zie daar de lol nog niet helemaal van in, maar dat komt nog wel. Het is tijd om afscheid te nemen van de broers. Eentje vraagt of ik zijn slang wil zien. Nou, dat klinkt nogal ongepast señor. Als een man een vrouw zijn slang wil laten zien, komt daar meestal niet een echte slang bij kijken. Maar toch, toch heb ik het idee dat ik hem wel kan vertrouwen. Hij heeft vriendelijke ogen en hij heeft per slot van rekening wel een emmer bij zich waar die slang in zou zitten. Ik besluit het erop te wagen. We staan toch in een drukke straat, dus wat wil ‘ie doen?

De slang

De Mexicaan heeft de slang, een boa, gevangen om ratten weg te houden uit zijn tuin. “Als ik een bezweet t-shirt van me bij hem in de emmer leg voor een nachtje, dan raakt hij gewend aan mijn geur en zal hij me geen pijn doen”, zegt hij. Hij opent de emmer en daar is ‘ie hoor: een grote slang. Ik ben bang te dichtbij te komen, bang dat de slang plots besluit degene die het dichtst in de buurt is aan te vallen. De man sprak dus wel de waarheid. Gelukkig. Ik vraag hem om hij het trucje met het bezwete shirt al eens eerder heeft geprobeerd. Hij schudt stil zijn hoofd. Dat gaat ‘ie morgen ontdekken.

Slang in de emmer. Beetje onscherp.

De verf

In de avond bereid ik me voor op het carnaval met andere reizigers uit mijn hostel. Lees: oude kleren erbij pakken, een paar biertjes drinken en speculeren over wat er vanavond gaat gebeuren. Sommige mensen hebben al een flesje verf gekocht om actief deel te nemen aan het carnaval. Hoewel ik betwijfel of ik van een verfgevecht zal genieten, besluit ik dat ik in ieder geval een een flesje nodig heb. Ik moet mezelf immers kunnen verdedigen. Ik koop een flesje verf op straat. Het zit in een waterflesje van een halve liter. Voor slechts $5 BZ ($2,50 US) ben ik gewapend. De dame die de verf verkoopt, slaat een spijker door de dop. Zo kan ik mensen beter sprayen, laat ik me vertellen.

Het plein

Ik betreed het grote plein met zowel opwinding als nervositeit. Wat is de bedoeling? We kijken naar de lokale mensen. De meesten zitten compleet onder de verf. De tieners zijn in twee groepen verdeeld en hebben elkaar de oorlog verklaard. Ze vallen aan in grote groepen. Sommigen van hen lijken net inbrekers met hun bivakmuts. Zo proberen ze hun haar te beschermen. Anderen hangen gewoon een beetje rond met hun vrienden en familie: drinken, lachen en een beetje verf spuiten. Er speelt muziek en heel langzaam proberen wat mensen een danspasje. De schuimmachine is geliefd bij de kinderen. Ze spelen met het schuim en poetsen verf van hun lichaam. Of ze lopen gewoon even naar zee om zichzelf weer schoon te laten spoelen. Er lijkt niet veel interactie te zijn tussen de groepen. Iedereen houdt het feestje een beetje bij zichzelf. We lijken dus veilig te zijn voor de verfgevechten.

Kinderen in het schuim tijdens het carnaval in San Pedro, Belize.

Het verfgevecht

Totdat de eerste persoon van mijn groepje voorzichtig wat verf op een vriendin spuit. Dat cadeautje wordt snel teruggeven. En dan escaleert het tot één groot verfgevecht. Iedereen doet mee en achtervolgt elkaar. Er zit verf in haar, ogen, monden (het smaakt krijtachtig), maar niemand interesseert het iets. The game is on. Met de eerste klodder verf die ik op me krijg ben ik verbaasd, zowel door de aanval als door het koude, natte gevoel. Maar zodra ik me eraan overgeef, en het idee dat ik mijn kleren ooit weer schoon krijg laat varen, vind ik het fantastisch. Onze verfvoorraad is net voldoende voor vijf minuten vermaak. Tegen die tijd ben ik blauw. Waarschijnlijk kan ik makkelijk door voor een smurf of een lid van de Blue Man Group.

Verfgevecht, carnaval Belize.

De dance-off

We nemen even een minuutje om op adem te komen, groepsfoto’s te maken en ons richting de bar te bewegen. Zo belanden we middenin het schuim- en dansfeestje. Sommigen uit onze groep belanden in een dance-off met Belizeanen. Schudden en draaien met die billen en heupen! Er zit niks anders op dan dit keihard te verliezen, maar ach… who cares? De verf begint te drogen en te jeuken, maar dat vergeten we met een extra biertje.

Groepsfoto tijdens het carnaval op Ambergris Caye.

foto van Katariina Kangas tijdens carnaval in Belize

Het ei

Maar dan, krijg ik een klap op mijn hoofd. Ik voel aan mijn haar, korstig van de opgedroogde verf. Het voelt nu ook slijmerig. Ik draai me om en zie wat jongens lachen met eieren in hun hand. Ik voel opnieuw en ontdek stukjes eierschaal. Iewww! Carnaval in Belize betekent niet alleen verf, maar ook eieren. “Jullie waren het toch?”, vraag ik de jongens. Ze kijken een beetje bang, maar geven wel toe. Ik vraag om een ei. De jongen met de eieren twijfelt of hij er eentje aan me geeft. Ik beloof hem dat hij veilig is. Hij geeft me snel een ei en duikt weg, voor de zekerheid. Maar ik draai me simpelweg om en trakteer één van mijn nieuwe vrienden op een ei. Hij kijkt me verrast en met afschuw aan. “Nu hebben we de full experience!” We lachen het ei weg, en dansen de nacht weg.

Carnaval in Belize: het eindresultaat.

Het aandenken

Een paar uur later sta ik onder de douche. Volledig gekleed. De verf en het ei uit mijn haar krijgen is echt een nachtmerrie. De volgende dag vertelt iemand me dat ik het er uit had moeten wassen met babyolie. Een half uur wassen en scrubben later, zit ik nog steeds onder de blauwe verfresten. De komende dagen slijten ze langzaam. Ik zie ze maar als aandenken. De dame van de wasserette weigert mijn kleding, wat ik compleet begrijp. Ik dump het in de dichtstbijzijnde afvalcontainer.

 

Zoals Madonna (niet) nou zingen: Last night I got egged on San Pedro.

Kim

Kim is de vrouw / de dame / het meisje achter Kimopreis.nl. Soms reist ze alleen, soms met vrienden. Zowel dichtbij als ver weg is ze altijd op zoek naar de mooiste ervaringen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.