Een bezoekje aan het Hotel Nacional de Cuba in Havana brengt je letterlijk en figuurlijk terug in de tijd. Het staatshotel heeft waarschijnlijk sinds de opening geen binnenhuisarchitect meer gezien. Maar dat is niet erg: het is de geschiedenis die dit hotel bijzonder maakt. Én de heerlijke mojitos, ook niet onbelangrijk.
Met teksten op de achterflap als “hoe je vieze hapjes pijnloos door kunt slikken” en “ wat je moet doen als je door een aap wordt beroofd” ben ik direct overtuigd dat ik dit boek moet lezen. En de Universele Reisgids voor Moeilijke Landen van Jelle Brandt Corstius is een feestje!
Eigenlijk horen we het al een paar jaar: je moet nú naar Cuba, voor het te laat is. Ga snel, voordat de Amerikanen het verpesten. Ik voelde de druk en ging in februari naar Cuba. Serieus: wat een bijzonder land! Maar eigenlijk was ik al een beetje te laat.
Buicks, Plymouths en Chevrolets uit de jaren vijftig domineren het straatbeeld in steden als Havana. Toeristen gaan met hun camera’s helemaal los op de oldtimers van Cuba. En terecht.
Als iemand in je omgeving langere tijd op reis gaat, is het leuk om een cadeautje te geven. Maar ja, de hele kunst is juist om met zo min mogelijk bagage te reizen. Je wilt iemand dus niet opzadelen met een groot of zwaar cadeau. Een beschermend sierraad van edelstenen vind ik daarom een goede keuze.
Blijkbaar zijn sommige Ieren de traditionele afternoon tea een beetje zat. Als we aanschuiven bij restaurant Cleaver East, gevestigd in het hotel van Bono en The Edge, moeten we het noodgedwongen stellen zonder thee. #NotAfternoonTea: dat is geen straf!