Straatbeeld Holguín

Hollen of stilstaan in Holguín

Holguín is zo’n stad waar veel mensen alleen het vliegveld zien. Ze hollen de stad zo snel mogelijk uit. Het aantal bezienswaardigheden is teleurstellend. Toch heeft Holguín ook iets charmants. Een reden om juist stil te staan. De charme vind je in de gemoedelijke levensstijl en de openheid van de Cubanen.

Een Cubaanse ontvangst

Ik stap de bus uit Baracoa uit en ben direct omgeven door mannetjes die me taxi’s aansmeren. ‘Nee, dank je’, accepteren ze niet. Gelukkig heb ik al contact met mijn casa particular (in Cuba slaap je vaak bij mensen thuis). Señor Jose* heeft iemand op pad gestuurd die met een papiertje met mijn naam staat te zwaaien. Voor ik het weet, ben ik onderweg naar mijn slaapplek. Zoals dat volgens goed Cubaans gebruik gaat, word ik niet bij de casa van Jose afgezet, maar een paar huizen verderop. Er verschijnen en verdwijnen mensen, ze spreken snel Spaans met elkaar en ik wacht rustig af wat er gebeurt.

Na een minuut of tien verschijnt Jose. Hij heeft geen ruimte deze week, dus ik mag bij Daniel en Vivian verblijven. Jose ontvangt hiervoor commissie en bij Daniel verlies ik zo mijn onderhandelingsruimte. Hier moet je je simpelweg bij neerleggen in Cuba. Er is niet tegenop te discussiëren. Maar eerlijk is eerlijk: dit is een superluxe casa particular. In de tuin zijn twee appartementen met een kleine patio. Ik mag zeker niet klagen. Jose neemt afscheid en nodigt me uit later op de avond nog een biertje te komen drinken.

Casa Particular Daniel & Vivian Holguin

Cubaanse gastvrijheid

’s Avonds besluit ik nog een ommetje te maken, maar ik kom niet ver. Ik loop langs het huis van Jose. Hij wenkt me meteen naar binnen en duwt een biertje in mijn hand. Het is een gezellig groep van Cubanen en twee Europese meisjes (inclusief ik) waarmee we nog even de stad in gaan. De mannen uit het gezelschap houden een paardenkar (het meest gebruikte vervoersmiddel in deze stad) aan en begeleiden hun dames charmant de kar in. Het is morgen Valentijnsdag en dat nemen de Cubanen nogal serieus. Lees: veel parfum, veel geknuffel en veel complimentjes.

Uitgaan in Holguín

Jose, zijn vrouw Maria* en hun vrienden nemen me mee op sleeptouw naar de leukste plekken van Holguín. Volgens hen kan ik het beste eerst een biertje drinken bij La Begonia aan het plein. Vervolgens moet ik door naar Salón Benny Moré om te dansen. Bij Salón Benny Moré stap ik een groot buitenpodium met tafeltjes eromheen binnen. Ik begrijp niet meteen wat de bedoeling is. We zouden toch dansen? Waarom zit iedereen dan? Blijkbaar wordt hier de avond afgetrapt door een optreden. De ene keer een balletshow, de andere keer een zanger en daarna is het pas feest. Na een uurtje verdwijnen de wat oudere jongeren en staat de dansvloer vol met Cubanen van een jaartje of twintig De muziek varieert van salsa tot Justin Bieber. Na een uurtje of wat vind ik het wel mooi geweest. Tijd om met de paardenkar weer terug naar de casa particular te gaan.

Kleine momenten

Hoewel Holguín weinig bezienswaardigheden heeft, is het wel een fijne stad om wat rond te lopen. Overdag ontdek ik op iedere straathoek iets nieuws. Een mannetje die een soort oliebolachtige snacks verkoopt, een mooi stuk graffiti of een trotse truckbezitter die op de foto wil. Ik geniet echt van dit soort kleine momenten. Ze maken Holguín voor mij tot een mooie stad. Net zoals Jose me ook heel welkom laat voelen. Hij blijkt half Cuba te kennen en heeft overal adresjes bij vrienden waar ik kan verblijven. Als ik dan zeg dat ik hem ken, krijg ik een mooi prijsje belooft hij me.

La Loma de la Cruz

Ik ga naar La Loma de la Cruz voor het uitzicht over de stad. Het is een lange trap, een hele lange trap. Ik moet maar liefst 465 traptreden op om de top op 275 meter te bereiken. Daar is een restaurant en een bar, maar die sla ik over. Ik kom hier voor de foto’s. Ik ga ’s ochtends, want in de middag is het te heet voor deze klim. De weg er naar toe biedt ook weer voldoende vermaak: ik word uitgenodigd om een kijkje te nemen bij een man die jurkjes voor balletoptredens maakt en iemand heeft een naaiatelier op zijn balkon gezet.

Trap naar beneden vanaf La Loma de la Cruz

Bezoekje aan Gibara

In de middag bezoek ik het strand van Gibara. De weg er naar toe is supermooi en net iets te duur. De colectivo zou namelijk 1 CUC per persoon moeten kosten. De chauffeur vind het leuker om toeristen 2 CUC in rekening te brengen. Een Cubaanse dame schopt stennis in de auto. Ze is het er absoluut niet mee eens. Na wat gebekvecht geeft ze het toch op met een verontschuldigende glimlach. Ondanks dat het haar niet gelukt is, ben ik haar toch dankbaar.

Gibara blijkt een slaapstadje. Slechts een enkel restaurant is open, dus ik vertrouw op een meneer die garnaaltjes staat te verkopen langs de boulevard. De straten zijn verlaten hoewel Justin Bieber toch luid uit ieder raam schalt. Misschien is het een feestdag vandaag? Het stadje is in opbouw: orkaan Ike heeft veel verwoest in 2008. Het strand van Gibara stelt niet zo veel voor. Ik zou het je in ieder geval niet aanraden. Prima voor een uurtje en ik ben weer ergens geweest, maar het is niet de moeite waard. Zodra het afkoelt, ga ik weer terug naar Holguín.

Ontmoetingen en geluksmomentjes in Holguín

Echte aanraders in Holguín heb ik niet voor je. Sorry! Holguín is (nog) niet zo ingespeeld op veel toeristen. Gelukkig. Mijn voornaamste tip is om vooral veel om je heen te kijken en het allemaal te laten gebeuren. Op straat tref je echt de mooiste taferelen. Maak een praatje met de Cubanen en vul je dag met mooie ontmoetingen en kleine geluksmomentjes. Ach… dat geldt eigenlijk overal in Cuba.

 

* Jose en Maria zijn fictieve namen, maar echte personen. 

Kim

Kim is de vrouw / de dame / het meisje achter Kimopreis.nl. Soms reist ze alleen, soms met vrienden. Zowel dichtbij als ver weg is ze altijd op zoek naar de mooiste ervaringen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.