Groen Parijs

10 groene tips voor een stedentrip in Parijs

Welke kleur komt in je op als je aan de stad van de liefde denkt? Misschien roze, of rood? Maar waarschijnlijk niet groen. Vanaf nu wel! Want in Parijs kun je veel groen doen en groen zien. Check daarom deze verantwoorde tips voor je stedentrip.

Wat is groen?

Wat is eigenlijk ‘groen’? Voor mij betekent het duurzaam, milieubewust, verantwoord, met oog voor mens, dier en natuur. Het betekent stil staan bij wat je doet en wat voor een impact dat heeft op de wereld om me heen. En eigenlijk is het verrassend makkelijk om bewuste keuzes te maken in een wereldstad als Parijs. Een park of een vegetarisch restaurant is nooit ver weg.

Tip 1: reis met de Thalys

Verantwoord bezig zijn, begint natuurlijk al met het vervoer. Kies je voor de auto, het vliegtuig of de trein? Even de CO2-uitstoot ter vergelijking op een rijtje (bron: Thalys):

  • Auto: 45.9 kg
  • Vliegtuig: 65 kg
  • Thalys: 6 kg

Dat is nogal een overtuigend verschil. Thalys streeft er zelfs naar de CO2-uitstoot nog verder te verminderen. In 2015 werd het streefdoel van 40% minder CO2-uitstoot tegen 2020 vastgelegd. Thalys heeft op het moment van schrijven al 37% bereikt. En als dat je niet over de streep trekt, denk dan eens aan de reistijd. Uitgaande van vertrek vanuit Amsterdam doet de Thalys er 3.18 uur over, terwijl je al snel 5 uur in de auto zit. De vliegtijd is slechts 1.15 uur, maar daar komt nog een hoop wachttijd bij.

Groen op weg naar groen Parijs

Je begrijpt, ik reis met de Thalys. En ik ben niet de enige. Nee, een paar stoelen verderop zitten Wendy van Dijk en Martijn Krabbé die op weg zijn naar Disneyland voor opnames van The Voice Kids. BN’ers! Ik laat ze met rust hoor; ik ben namelijk gefocust op mijn werk, want de wi-fi in de Thalys is erg goed. Zo werk ik lekker door en dat scheelt me een halve dag vrij vragen. Me like! Van Thalys heb ik zelfs een stoel in de Premium klasse gekregen om uit te proberen voor mijn blog. Dat bevalt me heel goed. Als Premium-treinreiziger krijg ik ook een ontbijtje en op de terugweg een lunch geserveerd met alleen lokale seizoensproducten. De tijd vliegt zo echt voorbij.

Tip 2: slaap in een eco-hotel

Een eco-hotel is een hotel dat duurzaamheid en welzijn hoog in het vaandel heeft staan. De kleinschalige hotelketen Green Spirit Hotels nodigt me uit om te ervaren wat zij te bieden hebben op dit gebied. Alles wat ik me kan bedenken bij duurzaamheid vind ik hier, en meer. Organische koffie? Check. Therapeutisch matras? Check. Luchtfiltratie? Check. LED-lampen? Check. Ecologisch schoonmaakmiddel? Check. Ik kan nog wel even doorgaan, maar bekijk gewoon even zelf de website.

Ik verblijf in Hôtel Le Pavillon, vanaf de straat zie ik gewoon de Eiffeltoren. Hoe gaaf is dat?! Het hotel heeft slechts 15 kamers die allemaal anders ingericht zijn. Ik ben helemaal verliefd op mijn kamer: er is een klein woonkamertje en boven (ja, er zijn twee verdiepingen!) staat een heerlijk bed en een schattig blauwe badkuip. Dat wordt bubbelen. Er staat ook een flesje wijn voor me klaar, want die kon ik van te voren al bestellen in de webshop. Het ontbijt is fantastisch. De jus d’orange wordt per glas geperst, zelfs de koffie is biologisch en de kaasjes, worstjes en het brood zijn van lokale ondernemers. Voor degene die zich in Parijs toch wat ver van huis voelt: er is ook hagelslag en vlokfeest. Mag ik hier voor altijd blijven a.u.b.?

Tip 3: verander perspectief met muurtuinen

Op de meest onverwachte plekken in Parijs tref je muurtuinen, of verticale tuinen. In een boetiek, boven een winkel, bij een museum, noem het maar op. Het zijn creaties van de Franse botanist en kunstenaar Patrick Blanc. De groenharige, in groene shirts gestoken man kleurt Parijs ook een stukje groener. Maar ook in New Delhi, Bali, San Francisco en nog veel meer steden over de hele wereld zijn de muurtuinen te bewonderen. De eerste verticale tuinen legde hij aan in Parijs. Op zijn website staat een overzicht met muurtuinen in de stad. Ik wil er een paar gaan bewonderen en mis een mooi kaartje waarop aangegeven staat waar ik de verticale tuinen moet zoeken. Dus Patrick, als je dit leest: Je veux une carte montrant les jardins si vous s’il vous plait. En bij voorkeur met actuele informatie over de staat van de tuin…

Een paar missers

Het is eind maart, dus de tuinen zijn nog niet op hun best. Ik bezoek de tuin van het museum Quai Branly. Voor deze staat een flinke machine geparkeerd en een deel van de tuin is kaal. Hier wordt nog hard gewerkt. Op naar de volgende. Dat is de verticale tuin in de Ternes parkeergarage. Ik kam de hele parkeergarage uit, maar vind niks groens. Zelfs het personeel kan me niet helpen. De verklaring vind ik in P+ magazine: de tuin is dood (wat raar is, want Patrick Blanc zou een levensduur van 30 jaar garanderen). In 2009 stond de tuin er blijkbaar al niet best meer bij, maar nu is er geen enkel spoor van over. Vergelijk mijn foto maar eens met de foto in het magazine (blz. 9). De muurtuin in Boutique Azzedine Alaïa zit verstopt in de binnentuin van een chique boutique waar ik bij hoge uitzondering even naar binnen mag om vanachter het raam de tuin te bestuderen.

Raak!

Maar ik geef nog niet op. Ik moet en ik zal een goede verticale tuin vinden in Parijs. Bij L’Oasis D’Aboukir en Le BHV Marais is het raak. De tuinen verkeren in goede staat. Whoohoo! Het bezoeken van de muurtuinen vergt dus wel wat doorzettingsvermogen. In principe zijn ze gratis te bekijken, maar sommigen liggen dus op privéterrein. Daar moet je net mazzel hebben. En je kunt er altijd eentje door Patrick laten maken natuurlijk; in P+ magazine lees ik dat je dat slechts 1200 euro per vierkante meter kost. Koopje!

Tip 4: plantaardig brunchen bij Le Potager de Charlotte

Zet het maar vast in je agenda: op zondag ga je tussen 11 en 15 uur brunchen bij Le Potager de Charlotte. Voor 29 euro krijg je een volledige brunch inclusief twee drankjes. Alles op je bord en in je glas is plantaardig. De twee eigenaren en broers willen bewijzen dat plantaardig eten niet suf is. Diervriendelijk, duurzaam en milieubeschermend te werk gaan, resulteert zelfs in een heel uniek en lekker menu met lokale producten. Het kikkererwten- en rijstpannenkoek gevuld met cashewroom ga ik zeker proberen na te maken thuis. De brunch is uitgebreid en halverwege het laatste gerecht moet ik het helaas opgeven. Ik ontplof. Reserveren is trouwens geen overbodige luxe en mocht je je afvragen wie Charlotte is, dat is de moeder van de eigenaren.

Tip 5: fietsen, Parijs op z’n Hollands

Parijs is geen typische fietsstad. Auto’s zijn duidelijk in de meerderheid en bestuurders vinden per definitie dat zij voorrang hebben. Maar fietsen is natuurlijk wel een stuk milieubewuster. Ik ben dus blij dat Baja Bikes mij een fietstour heeft aangeboden. Gids François vertelt dat er weliswaar verkeersregels gelden, maar dat simpelweg niemand die ter harte neemt. Gelukkig weet hij er wel raad mee en zo weet hij de hele groep veilig door de stad te loodsen. De Baja Bikes fietstocht ‘Geheimen van Parijs’ brengt me, in de Hollands aandoende motregen, langs de wat minder bekende plekken in de stad.

Het weer zit niet helemaal mee.

We fietsen langs de Russisch orthodoxe kerk, het Russiche spirituele en culturele centrum in Parijs. De bouw kostte een slordige 100 miljoen. Ook zien we de plek waar prinses Diana verongelukt is en het bijbehorende monument. Wat overigens officieel niet bedoeld is voor Diana. De Vrijheidsvlam is een gouden replica van de vlam van het Vrijheidsbeeld in New York, wat weer een geschenk was van de Fransen. De Vrijheidsvlam werd gemaakt toen het Vrijheidsbeeld werd gerestaureerd (in 1987). Veel mensen laten echter foto’s, bloemen en kaarten voor de prinses hier achter, omdat het zich zo dicht bij de plek des onheils bevindt.De Vrijheidsvlam met de Eiffeltoren op de achtergrond.

We roetsjen met hoge snelheid door het Parc Rives de Seine. Vroeger reden hier nog auto’s, maar het is nu vrijgemaakt voor wandelaars en fietsers. Hier is ook de langste voetgangerstunnel van Europa te vinden. De burgemeester maakte dit mogelijk door een beroep te doen op een wet om luchtvervuiling tegen te gaan. Later werd dat ongeldig verklaard en ging men op zoek naar een ander goed argument. Die werd gevonden in een wet die gebouwen beschermt. En zodoende is het nu uitgegroeid tot een fijne plek om te chillen aan de waterkant. We bezoeken nog veel meer plekken, maar die kun je zelf ontdekken door bij Baja Bikes te boeken.

Tip 6: veganistische hotdogs bij Le Tricycle

Ik blijf even in de fietssferen, qua naam althans. Ik ga namelijk voor een veganistische hotdog bij Le Tricycle. In 2014 verkocht Le Tricycle letterlijk hotdogs vanaf een driewieler. Dat was zo’n succes dat er een klein cafeetje is geopend dat sinds 2016 volledig op de veganistische tour is gegaan. Bij veganistisch eten komt er geen enkel dierlijk product bij te kijken. Geen vlees, maar ook geen zuivel bijvoorbeeld. Zelfs mijn reisgenoot (ook bekend als grote vleeseter) moet toegeven dat de veganistische hotdogs errug lekker zijn. Mijn persoonlijke favoriet is de Banh Mi Dog. Voor een goede lunch zou ik de hotdog wel combineren met een bijgerecht of een bowl. Eentje stilt namelijk mijn lunchtrek niet.

De veganistische hotdogs van Le Tricycle.

Tip 7: relaxen in Jardin du Luxembourg

Omdat de Parijzenaren in huisjes van slechts enkele vierkante meters wonen, hechten ze veel waarde aan groen in de stad. Zodra het weer het even toelaat, snellen ze dan ook naar de parken. Eén daarvan is de Jardin du Luxembourg waar alleen voetgangers welkom zijn. De tuin is bezaaid met beelden, fonteinen en fijne plekken om te zitten. Voor het paleis, waar de Franse Senaat bijeenkomt, ligt een strak aangelegd gazon met vijver. Eromheen liggen de tuinen waar mensen wandelen, tai chi beoefenen, tennissen, en simpelweg genieten van de eerste zonnestralen van het jaar.

Tip 8: de wijngaarden van Parijs

Raar maar waar: middenin de stad liggen wijngaarden. Uiteraard zijn ze niet omvangrijk, daar is te veel ruimtegebrek voor. Het toerismebureau heeft de wijngaarden van Parijs op een rijtje gezet. Clos Montmartre is alleen op afspraak te bezoeken en ondergaat helaas renovatie tijdens mijn bezoek. Daarom kies ik voor Clos de Belleville, dat in het Parc de Belleville ligt. Dit park is het hoogste park in Parijs (108 meter). De wijngaard ligt bovenaan het park. Zelfs al wist ik dat het zo middenin de stad nooit een grote wijngaard zou kunnen zijn, toch ben ik wat teleurgesteld. Het is wel echt heel klein. Het is dan ook meer bedoeld als eerbetoon aan de wijnbouwers van vroeger, dan dat het een commerciële onderneming is.

De wijnranken van Clos de Belleville.

Parc de Belleville is een prachtige groene ruimte omringd door vrij lelijke hoogbouw. Het is een perfecte plek om een zonnige middag door te brengen met een picknick. Nog maar eens terugkomen dus. 😉

Tip 9: organisch dineren bij Soya Cantine Bio

Als je even zoekt, vind je tientallen opties voor een verantwoorde maaltijd in Parijs. Eén van de populairste is Soya Cantine Bio. De naam verraadt het al: het is een biologisch restaurant, waar het merendeel van de gerechten ook veganistisch zijn. De inrichting lijkt in mijn ogen in eerste instantie weinig onderscheidend van andere eigentijdse restaurants. De lichte houten tafels en simpele bankjes die nu zo populair zijn, staan hier ook. Soya gaat er zelf prat op dat dit niet het zoveelste hipster-tentje is.

De eetzaal van Soya Cantine Bio.

Zodra ik mijn gerechten zie en proef, ben ik het direct met ze eens. Dit is goddelijk! De garam masala is vol en goed gekruid en het dessert met zachte tofoe crème is verrassend van smaak en structuur. De obers spreken fantastisch Engels en zelfs een woordje Nederlands en op de achtergrond hoor ik een rustig dj-setje. Soya is een goede keuze voor diner, en wordt online ook geroemd om de brunch.

Tip 10: kijken, kijken, niet kopen bij Marché Raspail Bio

Parijs is meerdere organische markten rijk. Een overzicht vind je hier. Check goed wanneer de markt is, want ze zijn niet allemaal dagelijks geopend. Ik kies op zondag voor Marché Raspail. Deze markt wordt vooral door de Parijzenaars bezocht. Je hoeft dus niet bang te zijn voor vele souvenirstallen. In totaal zijn er zo’n 50 kramen vol organische producten. Het is een prachtig plaatje. Waarschijnlijk houd je het bij een paar foto’s schieten, want het is een heel dure markt. Een reepje chocolade voor 9 euro? Iemand?

Marché Raspail Bio in Parijs (Montmartre).

Genoeg groens te doen in Parijs dus! Heb jij nog meer tips? Laat het me weten in de reacties.

 

Note: deze blog is mede tot stand gekomen dankzij een paar toffe bedrijven. Thalys, Green Spirit Hotels en Baja Bikes lieten mij kosteloos hun diensten ervaren: merci beaucoup! Geen van hen heeft invloed gehad op wat ik heb geschreven. 

Kim

Kim is de vrouw / de dame / het meisje achter Kimopreis.nl. Soms reist ze alleen, soms met vrienden. Zowel dichtbij als ver weg is ze altijd op zoek naar de mooiste ervaringen.

One thought to “10 groene tips voor een stedentrip in Parijs”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *